Aboe Moesa Al-Ashʿarie (Mag Allah tevreden zijn met hem) verhaalt dat de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) hem uitzond naar Jemen. Daarop vroeg hij hem naar de dranken die men daar vervaardigde en of deze verboden waren. De Profeet (vrede zij met hem) informeerde vervolgens nader naar de aard van die dranken. Daarop antwoordde Aboe Moesa (Mag Allah tevreden zijn met hem): Het betreft de bitʿ, een honingdrank die door gisting wordt bereid en de mizr, een drank vervaardigd uit gegist gerst. Daarop sprak de Profeet (vrede zij met hem) hij die door Allah werd begenadigd met de gave van kernachtige en alomvattende woorden: ‘'Elke bedwelmende drank is verboden.''