De Profeet (vrede zij met hem) kondigt drie categorieën van mensen aan, die, indien zij geen berouw tonen of niet worden vergeven, op de Dag der Opstanding worden getroffen door drie vormen van goddelijke bestraffing: De eerste: Allah zal hen niet aanspreken, als teken van Zijn intense toorn of Hij spreekt hen op een wijze die slechts Zijn afkeer en woede weerspiegelt. Ten tweede: Hij schenkt hun geen lof, spreekt geen waardering over hen uit en reinigt hen niet van hun zonden. De derde: Voor hen is een pijnlijke, kwellende bestraffing in het Hiernamaals weggelegd. Deze categorieën zijn: Ten eerste: Een hoogbejaarde man die ondanks zijn leeftijd en levenservaring vervalt in de gruweldaad van ontucht, een zonde die vanwege zijn ver gevorderde leeftijd des te verwerpelijker is. Ten tweede: Een behoeftige, armzalige persoon die, ondanks zijn nederige maatschappelijke positie, hoogmoedig en verwaand is tegenover de mensen. Ten derde: Een handelaar die Allah’s Naam misbruikt in zijn koop en verkoop, en niets verkoopt of aankoopt zonder te zweren bij Allah, waarmee hij de Heilige Naam van de Allerhoogste tot een goedkoop handelsmiddel verlaagd.