Wanneer de laatste tien dagen van de Ramadan aanbraken, zette de Profeet (vrede zij met hem) zich met bijzondere toewijding in voor aanbidding en gehoorzaamheid. Hij verrichtte in deze periode meer goede daden en handelingen van vroomheid dan op andere momenten. Dit deed hij vanwege de grote waarde en het aanzien van deze nachten en in de hoop de Nacht van de Bepaling (Lailatoe AlQadar) te bereiken.