De profeet (vrede zij met hem) verduidelijkte dat een persoon de gewoonten en karaktereigenschappen van zijn oprechte vrienden zal overnemen. Vriendschap heeft invloed op moraliteit, gedrag en handelingen. Daarom adviseerde hij om zorgvuldig te kiezen met wie men bevriend raakt, omdat een goede vriend zijn metgezel leidt naar geloof, leiding en goedheid, en een hulp voor hem zal zijn.