De profeet (vrede zij met hem), hield een indrukwekkende toespraak tot zijn metgezellen, waarbij de harten beefden en de ogen tranen vergoten. Ze zeiden:'O boodschapper van Allah, het lijkt alsof dit een afscheidstoespraak is vanwege de intensiteit ervan. Ze vroegen om een laatste advies waaraan ze zich konden vasthouden na zijn vertrek. Hij zei: Ik adviseer jullie om Godvrezendheid te handhaven, dit door het vervullen van jullie plichten en het vermijden van het verbodene. Hoor en gehoorzaam, dat wil zeggen, gehoorzaam de leiders. Zelfs als een slaaf over jullie wordt aangesteld of de macht grijpt, de minst gekwalificeerde onder jullie wordt jullie leider, wees dan niet afwijzend en gehoorzaam hem, uit angst voor het veroorzaken van onenigheid. Want onder jullie zal degene die leeft veel onenigheid zien. Vervolgens legde hij hun de uitweg uit deze onenigheid uit, namelijk door vast te houden aan zijn Soena (de leer en praktijk van de profeet) en de Soena van de rechtgeleide kaliefen na hem: Aboe Bakr, Omar ibn al-Khattab, Oethman ibn Affan en Ali ibn Abi Talib ( moge Allah tevreden zijn met hen allen). Hij benadrukte het vastklampen aan deze Soena, alsof hij zei: wees vastberaden in het volgen van de Soena en houd eraan vast als een dier aan zijn kiezen. Hij waarschuwde hen voor innovatieve zaken die in de religie geïntroduceerd werden, want elke innovatie is dwaling.